In de grootste vergaderzaal van een prachtig, historisch pand, zat de groep die ik die dag zou trainen al klaar. De acht deelnemers uit een team dat al lang samenwerkte, kwamen voor de training ‘Elke Dag een Topdag!’. Ze zaten rondom zo’n pompeuze ovale tafel, met ongemakkelijk veel afstand tussen de plekken.

Het was jaren geleden… Van corona-maatregelen hadden we nog nooit gehoord. De helft van de deelnemers had de armen over elkaar, de anderen waren zichtbaar ongeïnteresseerd aan het lezen of aan het rommelen in een tas. Niemand keek me aan. Niemand sprak.

Ik keek een paar keer rond. Elke Dag een Topdag? Yeh, right.

Positieve communicatie, werkplezier, een topdag-mindset? Hhhhm. Ik dacht: wat is hier aan de hand?

Mijn vader lag op dat moment in het ziekenhuis met een longontsteking, op de IC. Al bijna één, spannende, lange week. Ik had deze groep kunnen afzeggen, maar mijn zussen waren die hele dag bij mijn vader en ik verheugde me op een leuke training. Afwisseling. Een nieuwe groep. Nieuwe energie. Ik had wél afgestemd met de leidinggevende, maar door de omstandigheden had ik minder zorgvuldig afgestemd met ‘de deelnemers’. Of eigenlijk, helemaal niet.

Ik zei: “Wát een warm welkom, ik krijg bijna tranen in mijn ogen.” En ja, vier van de acht mensen draaiden hun hoofd.

“Nou, steek je hand eens op als je ook zo’n zin hebt in deze werkpleziertraining,” vroeg ik. Ik stak mijn hand ver omhoog. “Ik heb mijn beste kloffie aangetrokken, mijn mooiste slide spát van het scherm. Jongens, we kunnen van start!”

Niemand stak zijn hand op natuurlijk, maar ik zag drie grijnzende gezichten.

“Het kán aan mij liggen, maar… ik krijg de indruk dat jullie niet echt op mijn aanwezigheid zitten te wachten?” Oké, alle ogen op mij gericht. Ik vroeg de deelnemer aan het verste uiteinde van de tafel: “Kun jij me alsjeblieft uitleggen wat er aan de hand is?”

Het werd een ontzettend leuke, zinvolle dag. Maar we hebben niet het trainingsprogramma doorlopen.

Als je als leidinggevende een werkpleziertraining inkoopt, en er spelen lastige knelpunten in je team – er wordt bijvoorbeeld geroddeld, teamleden tonen onderling gebrek aan vertrouwen of respectloos gedrag – dan kunnen er twee dingen gebeuren.

De beroerdste optie is dat de trainer het programma gewoon afdraait.

Dan heeft aan het eind waarschijnlijk niemand iets geleerd. De deelnemers zeggen: “Ik steek er altijd iets van op.” Of: “Het was een nuttige training.” Maar ze denken: “Wat een poppenkast.” De training heeft geen impact. Weggegooid geld, verspilde tijd en zinloos resultaat geboekt.
Een andere optie is, dat de trainer werk gaan doen dat eigenlijk door de leidinggevende gedaan kan worden. Werk dat uiteindelijk de leidinggevende hoort te doen, omdat hij of zij daarvoor de aangewezen positie heeft.

Wat voor werk? Knelpunten in de samenwerking op tafel krijgen en bespreekbaar maken.
Werken aan onderling vertrouwen tussen de teamleden. Onderlinge waardering creëren. Zorgen dat mensen niet blijven hangen in de probleem-stand of hun tijd besteden aan een ‘gelijk halen’. Het leuke, inspirerende en activerende doel van het team zichtbaar maken. Zorgen dat mensen weten wat hun bijdrage is aan het behalen van dat doel. Dat is in eerste instantie écht de job van de leidinggevende.

Je kunt dat door een trainer laten doen, maar waarom?

Wat wij gedaan hebben, die luxe dag? We hebben alles op tafel gelegd. We hebben de stand van zaken besproken en een plan van aanpak gemaakt. Dat resulteerde in een mooie mix van onderlinge uitwisseling en drie gesprekken met de leidinggevende erbij. Af en toe een luchtige sessie, en af en toe een niet zo luchtige sessie. Het lukte: de teamleden én de leidinggevende namen hun verantwoordelijkheid in de samenwerking.

Echt, ik vind deze klussen ont-zet-tend leuk om te doen.

Maar ik ben ervan overtuigd dat in dit soort situaties de leidinggevende aan zet is. Ben jij de leidinggevende? Het is makkelijker dan je denkt om in gesprek te gaan met jouw team en ‘de moeilijke vragen’ te stellen. Bijvoorbeeld:

• Heb je het gevoel dat je tot je recht komt in dit team?

• Wat kan ik doen zodat jij je werk beter kunt doen?

• Hoe denk jij dat we dit team hechter en sterker kunnen maken?

Als je (weer) communiceert met je teamleden, en zij ook met elkaar, dan is het een feestje om met elkaar een training uit te zoeken en samen verder te professionaliseren. Bijvoorbeeld hoe je elke middelmatige, ‘mwa-mwa-dag’ een slinger geeft en lekker kunt genieten van de éne topdag na de andere.

Ben je leidinggevende en kun je wel een steuntje gebruiken? Plan een ‘Eerste Hulp Bij Werkstress’ adviesgesprek met mij in. Je legt dan de team-situatie uit, wij sparren telefonisch of via video-verbinding en je kunt direct daarna zelf aan de slag met één van de vier handvatten die ik in ons EHBW boek uitleg. Dit boek ‘Eerste Hulp Bij Werkstress’ voor leidinggevenden krijg je dan toegestuurd!