“Als toeval zou bestaan, zou het minder vaak voorkomen”. Ik las dat ooit in een artikel en herinnerde het opeens toen ik een jaar of wat geleden naar mijn Amsterdamse huisje fietste.

Ik had net een raar bezoek gebracht aan mijn zus Diana. Ze vertelde me namelijk dat ze die week daarvoor iets bizars had beleefd. Terwijl ze uit het raam keek en wachtte tot het theewater in de fluitketel aan de kook was, gebeurde er drie dingen tegelijkertijd.

In dezelfde split-seconde floot de fluitketel, ging de deurbel én rinkelde de telefoon op haar tafeltje bij het raam. All in one go.

Mijn zus, die jarenlang als trainer haar nieuwsgierigheid en intuïtie had geoefend, ging niet naar de fluitketel, nam de telefoon niet op en opende zelfs haar deur niet. Ze bleef naar buiten staren en vroeg zich te midden van dit drietonige alarm maar één ding af: “waarom word ik drie keer tot alertheid uitgenodigd?”

De volgende tel ontploft in het woonblok aan de overkant een raam.

Diana, antwoord gekregen op haar vraag, neemt de hoorn van de haak, verbreekt direct de verbinding en belt 112. De brandweer was in no time ter plekke en iedere bewoner was op tijd uit het pand. Alleen de hond liep brandwonden op.

Als dit toeval was, dan zou deze samenloop van alarm-en-ontploffing dus niet vaak voorkomen, peins ik op de fiets. Als toeval zou bestaan natuurlijk.

Ik fiets inmiddels op de Witte de Withstraat langs grote woonpanden. Op mijn prachtige tweedehands stalen ros die ik met rood-bruine verf heb beklad om fietsendieven te slim af te zijn in deze stad van oneindige opportunities.

Dan valt mij opeens een extra lange, witte tas van Manfield op. Hij hangt aan het stuur van een fiets-in-rek, zo’n lange tas voor schoenendozen. Wat steekt die prachtig helder af tegen het bruingele voorbijflitsend uitzicht. Ik fiets zeker vijf minuten door tot mij iets daagt. Die tas hing aan het stuur van een geparkeerde fiets. Niemand in de buurt.

Na zo’n verhaal van mijn zus kán ik niets anders dan omkeren.

Ik fiets het hele eind terug, genoeg tijd natuurlijk om mezelf tien keer streng toe te spreken dat die tas óf al door de eigenaar is opgehaald, óf inmiddels door een andere Amsterdammer is meegenomen. Maar kijk, zo makkelijk kom ik er niet van af want hij hangt er nog. Ik stap af en haal de tas van het stuur van de geparkeerde fiets. Ja hoor, dameslaarzen.

Ik denk aan mijn eigen fijne laarzen, en dat er nu iemand plantjes water geeft of een kopje thee zet, en zich nog steeds niet deze verlaten aankoop realiseert. Maar waar is ze?

Dit is een straat met heel veel portieken. Onbegonnen werk maak je maar op één manier behapbaar, dus ik focus me op de twee portieken aan weerzijden van het fietsenrek. Elke portiek heeft vier bellen aan de linkerkant en vier bellen aan de rechterkant.

Kans van één op zestien.

Gelukkig voel ik me vandaag uitgenodigd tot een experiment, een op Diana geïnspireerde Houdini-move. Een ‘als alles mogelijk is’ mindset dat intuïtie wordt genoemd. Dus ik vraag mezelf af ‘als alles mogelijk is, en de challenge is dat ik de laarzen-eigenaar in één keer vind, wat doe ik dan?’

De kunst is om niet na te denken, maar gewoon te gaan. Dus ik loop de rechterportiek binnen, druk dan direct op de bel die mijn oog trekt – rechtsboven.

De deur klikt van het slot en van drie hoog boven in het trappenhuis hoor ik roepen. “Wie is daar?”

Eh…. Ik schud mezelf uit de Houdini-staat. “Eh, hallo! Bent u nét met de fiets aangekomen?”

“Oooooooh, mijn laarzen, mijn laarzen” ze komt de trap af rennen. Bingo.

Na de hereniging met de eigenaresse, probeer ik me voor te stellen hoe een paar minuten geleden vijftien andere vrouwen op de wereld dameslaarzen zagen hangen aan een fiets en geprobeerd hebben de eigenaar te achterhalen. Beijing? Panama? Las Vegas?

Ze zouden keus hebben gehad uit zestien opties, en alle vijftien op precies de verkeerde bel hebben gedrukt. Flabbergasting.

Ik besluit tegen dit lot in dat één op zestien voortaan voor mij een makkie is. Eén op drie is een ander verhaal, maar dat komt een andere keer.

Belangrijker: luister jij nog wel eens naar je intuïtie? Dat ‘zeker weten’ dat je de goede kant op gaat, of… net zo belangrijk, dat ‘zeker weten’ dat je de verkeerde kant opgaat?

Intuïtie is iets dat je de hele dag aan of uit kunt zetten. Nu dus. Of nu. Het is de telefoon opnemen en bij de eerste zin al horen dat het een geweldig gesprek wordt. Of niet.

Intuïtie is je mail opstarten en weten dat je eigenlijk even een wandeling moet maken. Intuïtie is dat gevoel dat alles klopt, dat je in een flow beweegt, dat alles op elkaar is afgestemd. Of niet dus.

Wil je leren hoe je je intuïtie, je creativiteit en je mogelijkheid tot verbinding weer ruimte geeft? Zodat je je energie bewaart, trouw blijft aan je eigen waarheid en topprestaties neerzet vanuit inspiratie en plezier?

Onze top-coaches begeleiden je enthousiast langs onze Werkplezier-Route: een uniek model waarmee je je overtuigingen en waarden onderzoekt en op een positieve manier shift naar een compleet andere verbinding met je werk. Hier lees je meer over ons coachingsaanbod.