Ik zat tegenover mijn blind date en ja, dat is alweer een hele tijd geleden. We hadden een goede start in dit hippe eetcafétje in de Haarlemmerstraat: lekker koud frisje met ijsblokjes, fijn restaurantje, en zo op eerste gezicht top gezelschap.

In die eerste minuten van sprankelende energie, vroeg hij aan mij hoe ik het vond om in Amsterdam te wonen. En midden in mijn antwoord…nét toen ik dacht dat dit wel eens een hele leuke avond zou kunnen worden… ging zijn telefoon.

Even bleef mijn glimlach nog boven mijn bubbels hangen, en had ik de hoop dat hij het gesprek zou wegdrukken, maar nee. Met een “je vindt het toch niet erg, hé” en halve blik naar mij, zakte mijn hoop en interesse naar niveau nul.

Nee, hij was niet een CSI-investigator on duty, en het telefoontje kwam ook niet van zijn beste makker die in een brandend huis stond. Mijn date dacht gewoon ‘dit kan er wel even tussendoor’.

Ik dacht aan deze rare (en ultra-korte) date, toen ik Bas coachte.

Bas, psychiater bij een instelling, is een psychiater uit een Roald Dahl boek. Super dun, grote handen, piekhaar en een ontzettend brede glimlach op zijn vaderlijke gezicht. Een lieverd en een echt mensen-mens.

Hij schakelde mij in omdat het werk hem niet meer het plezier gaf dat hij er vroeger van kreeg. Vroeger kreeg hij energie van zijn werk, maar ondanks grote vermoeidheid, kon hij ’s nachts niet meer goed slapen.

Op het moment dat zijn hoofd het kussen raakte, speelde de dag zich weer af in zijn hoofd. Hij dacht dan aan alles wat nog moest gebeuren en hoe het beter georganiseerd moest worden.

Ik vroeg hem wat hem zo aantrok in deze baan.

Ooit wilde hij kinderpsychiater worden omdat hij begreep hoe verschrikkelijk het voelt als je je als kind eenzaam voelt.

Bas wilde de tolk zijn, tussen de kinderen en de ouders en tussen de kinderen en de maatschappij. Hij wilde de kinderen laten zien: het kan ook anders. Bas werd aangenomen omdat hij zo empathisch was, tegelijkertijd scherp en daadkrachtig.

Maar als Bas nu een gesprek had met een gezin, waarin hij de ouders of opvoeders informeerde over een mogelijke therapie of het aanpassen van medicatie, nam hij tussendoor regelmatig de telefoon op. Soms wel drie keer tijdens één gesprek.

Ja, na zo’n telefoontje tussendoor liep het gesprek met de ouders niet altijd meer soepel. Maar ja, dit waren telefoontjes van andere cliënten of artsen die zijn assistent niet kon beantwoorden, en Bas moest wel bereikbaar blijven. Bovendien kon hij gedurende de dag verder geen tijd vinden om al deze telefoontjes af te handelen.

Ik begreep hoe lastig het was om in zijn volle agenda plek te moeten vinden voor al deze gesprekken en taken. Maar los van gepuzzel of het managen van agenda’s sprak ik met hem over aandacht.

Aandacht een groot en magisch gevoel: het is er óf wel, óf niet.

Misschien denk je dat je twee dingen tegelijkertijd met halve aandacht kunt doen, en misschien is dat wel zo. Maar zodra het over ‘aandacht voor elkaar’ gaat is het een ‘alles of niets kwestie’.

Ga maar bij jezelf na… als je het gevoel hebt dat je gesprekspartner er met zijn hoofd niet bij is, dan voelt dat knap waardeloos.

Bas ging samen met mij een experiment aan. Voor de komende drie maanden nam hij de telefoon niet op tijdens cliëntcontact, maar blokte na elk gesprek tien minuten extra. In die tien minuten na het cliëntcontact reageerde hij dan op die tussentijds binnenkomende telefoontjes. Ja, dit kostte in totaal zestig minuten extra per dag.

Een heel uur, dat is veel.

Gek genoeg sliep hij wel weer en kreeg hij weer energie van zijn werk. Hij merkte dat het werk hem ook makkelijker af ging en kon vaker op tijd naar huis.
Maar de echte winst kwam uit een andere hoek.

Doordat hij in de nieuwe situatie al zijn mooie, oprechte aandacht kon richten op het gesprek met zijn cliënt, duurden zijn gesprekken korter. En hij had nu gemiddeld maar 4 in plaats van 6 afspraken nodig om met ouder en kind het traject af te ronden. De tijd die hij daarmee overhield vulde hij deels met nieuwe patiënten, en deels met het oppakken van zijn promotie onderzoek.

De super-bonus van het hele traject? Hij vond zijn werk weer leuk.

Soms zit je er zo middenin dat ‘snel’ een goede oplossing lijkt. Snel even tussendoor, snel even een mailtje, snel even de telefoon opnemen. Of beter nog, tijdens een telefoongesprek gewoon ook nog eens je mail beantwoorden. Niemand die het merk toch? Meestal is dit niet de beste strategie.

Ten eerste merk die persoon aan de andere kant van de lijn écht wel dat je er met je hoofd niet bij bent. En ten tweede lijkt het wel snel, maar het is ‘tegelijkertijd’. En hoe veel kan een mens tegelijkertijd?

Probeer iets anders uit en kijk of het naar je doelen leidt. Zo niet? Dan kun je altijd terugvallen op je oude strategie en de telefoon opnemen tijdens een belangrijk gesprek.

We vergeten in deze snelle wereld wel eens dat we kunnen experimenteren. De wereld draait echt wel door als je eens een andere weg kiest. Een weg die leuker, makkelijker, fijner is en waar je veel meer plezier hebt.

Ben je toe aan werkplezier?

Onze top-coaches begeleiden je enthousiast langs onze Werkplezier-Route: een uniek model waarmee je je overtuigingen en waarden onderzoekt en op een positieve manier shift naar een compleet andere verbinding met je werk. Hier lees je meer over ons coachingsaanbod.