Op de derde dag van mijn eerste echte vakantiejob moest ik alwéér op het matje komen bij Bernadette, de manager. “Waarom volg jij het script niet gewoon?” vroeg ze, “Is het soms te moeilijk voor je?”

Ik keek haar verbaasd aan. “Ik dacht dat we contact met de klant moesten maken?”

“Ja, Ester…” siste ze, “Binnen het kader van óns professionele belscript! Niet door steeds je eigen ding te doen.”

Ik was per ongeluk aangenomen bij een callcenter en werkte nu tussen andere studenten, ieder in een eigen, grijs hokje waar Bernadette langs liep met haar zweep. Nou ja, bij wijze van spreken dan.

Door de oersuffe belscripts bereikte ik al snel een ongekend niveau van uitzichtloosheid. Ik zocht mijn heil in het verbeteren van het script en de vragen. Bernadette was niet blij.

De tweede job die ik die zomer scoorde, duurde óók precies drie eindeloze dagen. Het was bij een damesmodezaak in de Kalverstraat, ‘Pauw’. Geloof het of niet – de helft van mijn tijd moest ik de kleding in de winkel eigenhandig scheef sjorren of door elkaar husselen, zodat ik daarna alles weer recht kon hangen of op kon vouwen. Dan zag het er uit alsof ik druk bezig was.

Horror. Ten top.

Op mijn allerliefst stelde ik aan de twee Pauw-dames voor dat ik kleding-setjes klaar kon leggen op de koffietafel in het midden, ter inspiratie. Daar lagen ook de nieuwste modebladen, en dan konden we bij één van de glamourfoto’s onze ‘look’ presenteren. Of ik kon bij alle kleding waar een knoopje los zat, dat even herstellen. Wel zo fijn voor de klant, toch?

En de klapper: ik kon buiten aan voorbijgangers vragen of ze zin hadden in een kopje koffie, waarbij ik ze dan onze nieuwe collectie zou laten zien.

Nee, nee en nee. Als ik daar wilde werken, moest ik vooral normaal doen.

De derde gok waagde ik bij een prachtige delicatessezaak, C‘est Bon. Ik keek gelukzalig naar al het uitgestalde lekkers, maar schatte mijn kans klein in. Ik kon nog geen walnoot van een pecannoot onderscheiden.

Toch bleef Peter, de eigenaar, mij de éne na de andere vraag stellen. Of ik graag nieuwe dingen leerde? Of ik verschil kon proeven tussen de Californische abrikoos en de Australische abrikoos? Of ik van theedrinken hield en hoe ik dan precies thee zette?

Ik dacht: hier zit ik goed. En zo was het. Weet je wat ik daar vooral heb geleerd in de jaren die volgden? Klanten bedienen. En bedienen deed ik met de hoofdletter B, van Braat.

Ik realiseerde het me laatst pas. Peter zag mijn onzichtbare superpowers. Dat ik aan de ene kant dol ben op relaxen en genieten, maar dat ik in mijn werk continue wil leren en experimenteren. En misschien lijkt het alsof ik de afgelopen 18 jaar elke dag hetzelfde doe: coachen en trainen…Maar binnen dat speelveld experimenteer ik me graag mesjogge.

Een gesprek met één van onze topcoaches (op je werkplek of online) kan het begin zijn van een nieuwe manier van leven en werken.

Wij zijn in ons werk ook dol om de belangrijkste zaken op orde te hebben. Vandaar dat we in de afgelopen jaren met onze eigen, unieke methode werken: de Werkplezier-Route. Dit is een positief, verbindend model waarmee je je overtuigingen en waarden onderzoekt en een nieuwe weg slaat naar verbinding met je werk.

Wil je ook minder werkstress en meer werkplezier? Ga het experiment aan. Hier lees je over hoe je van start kunt gaan met één van onze topcoaches.