Ik had een collega waar mijn nekharen van overeind gingen staan.

Tijdens een avondje friet & video bij mijn beste vriendin Birgit, vertelde ik over hem. Dit was 24 jaar geleden, toen video nog betekende dat je een cassette ergens in moest stoppen en zelf friet maken goedkoper was dan naar de snackbar gaan.

 

Terwijl ik de voordelige piepers in zo’n metalen aardappel-door-druk-ding duwde, vertelde ik over die collega waar ik de kriebels van kreeg. Zijn pluizige haar, de rode ribbroek met vale plekken, de tand die hij miste in zijn ondergebit. Zijn eeuwige anekdotes over ‘zijn Jordaan’, zijn geschuifel en getreuzel bij het kopieer apparaat.

“Zeg Ester”, zei ze, terwijl ze op veilige afstandje naar de stroom schijfjes keek die ik uit het apparaat lanceerde. “Ik vraag me iets af. Als je hem zo’n loser vindt he, waarom besteed je dan zoveel van je aandacht aan hem”.

Huh. “Nou eh, als jij eens wist hé, hoe irritant hij is. En maandag is hij een jaar in dienst, en dan moeten wij natuurlijk weer taart regelen en zo”.

“Nou”, zei ze, “jij bent in ieder geval de laatste van wie hij een cadeautje verwacht”.

Oeps. Ik dacht – al friet makend- terug aan de stage die ik dat jaar daarvoor had afgerond. En dat hele lieve, onverwachte cadeau dat ik op de laatste dag ontving van een mede-stagiaire. Out of the blue. Ik was een beetje bang voor haar en dacht dat we elkaar niet zo mochten. Maar daar was dat cadeau opeens: een donkerblauwe fruitschaal met van die luchtbubbeltjes in het glas gevangen.

De dag ná die friet & video-avond liep ik langs mijn favoriete boekwinkel op het Spui. In een flits zag ik een glanzend boek in de etalage liggen, ‘Onze oude Jordaan’. Zo’n boek dat je nooit voor jezelf koopt, maar in een VT-wonen magazine op witte salontafels ziet liggen. Terwijl ik naar binnen stapte dacht ik:

‘Het maakt me niet uit wat het kost en dit experiment ga ik dus never-nooit aan wie-dan-ook vertellen’.

Het was het waard. De stomme verbazing in zijn ogen toen hij het inpakpapier liet vallen. Hij hield het boek voor zijn gezicht en zei toen langzaam ‘Onze…oude… Jordaan’. Het was een ‘Groundhog Day moment’, alles zou hierna anders zijn.

We vlogen elkaar echt niet om de hals. Maar in dat verstilde moment loste de brok weerstand bij mij op. Ik kon mijn aandacht weer op iets anders richten en… eerlijk is eerlijk, ik gúnde die maffe gast in zijn oude kloffie ook echt dat peperdure boek. Ik zag hem nu…tja, anders. Als ontvanger.

Dit experiment, dat ik 24 jaar voor me heb kunnen houden, was destijds de ‘kick-off’ voor een andere manier van leven.

In de ruim twee decennia sindsdien heb ik alles over stressmanagement, mindmanagement, high-performance, goalsetting en team-efficiency met twee dankbare handen vastgegrepen en verslonden. Altijd met het doel: werkplezier.

Nu alles anders is, is werkplezier essentieel.

Meedenken en onderzoeken hoe jij of je team met meer energie, focus en plezier kunt werken, dat is wat ik doe.