Work-life balance: de Magische Cirkel van Tijd

Heb je dat ook wel eens, tijdens een vakantie of op je verjaardag, dat je vooruitblikt naar al die komende maanden en dat alles mogelijk lijkt? Die opleiding starten, meer sporten, vrienden opzoeken, eindelijk meer tijd met je gezin doorbrengen.

Maar een paar dagen later gaat alles gewoon weer zijn gangetje. Dezelfde achterstanden, dezelfde drukte, dezelfde computer die vastloopt, dezelfde collega’s in de vergadering. Van je mooie doelen lijkt niets terecht te komen.

Alhoewel je het begin van het jaar, een vakantie of belangrijke datum goed kunt benutten om inspirerende doelen te lanceren, zit de magie van het uitrollen van die doelen in een ander tijdsbestek. Een veel kleiner tijdsbestek. Niet dat van een jaar, of maand, maar dat van een week.

Dit is omdat mensen sinds het invoeren van de zonnekalender – en wie weet ook door het vierweekse maanritme – gewend zijn aan het denken in weken. Je hebt in ieder geval je hele leven al te maken met de ‘schoolweek’ en de ‘werkweek’. De week van maandagochtend tot zondagavond. En elke maandagochtend gebeurt er iets magisch.

Elke maandagochtend ben je de trotse bezitter van honderd eenheden van de meest kostbare stof van het universum: tijd. Er is niemand die meer of minder krijgt en het is helemaal aan jou wat je er mee doet.

Reken maar uit: van die 24 uur per dag besteed je ongeveer 10 uur aan slaap en dagelijkse verzorging zoals douchen en eten. Dan blijft er 14 uur over per dag om te besteden aan alle andere dingen die het leven leuk maken. Zeven dagen maal 14 uur… dat is 98 uur, of ongeveer 100 wakende uren.

Honderd uur? Het lijkt wel een sprookje.

Met 100 uur kun je zo veel doen! Lekker naar buiten, naar het chocolade-museum, dat leuke boek lezen, of beter nog… een boek schrijven! En nóg is er tijd over: neem een bad, zoek je tante in Den Bosch op. Leer je nichtje rolschaatsen in het park. Maak een taart van drie lagen met je naam erop.

Maar hoe rijk je ook bent met die 100 uur op maandagochtend, zondagavond zit je op de bank en denk je ‘hè, waar is die tijd naartoe gegaan’? Poef, weg honderd uur.

Wie heeft die uren weggetoverd?

Gelukkig doe je dat zelf. Van die 100 wakende levensuren ruilen veel mensen namelijk een aanzienlijk aantal uren per week om voor geld. Sommige tijd wordt zo ‘werktijd’. En alhoewel de meeste mensen in Nederland werken bij een bedrijf naar eigen keus, vergeten ze dat soms. Na het tekenen van het arbeidscontract en een korte periode van euforie, raakt die vreugde in vergetelheid en overvalt veel werknemers een ander gevoel.

Het gevoel van géén keus hebben, hoe leuk het werk inhoudelijk ook is. Van moeten werken, moeten presteren, regels moeten volgen, op tijd moeten zijn, moeten vergaderen. Moeten, moeten, moeten.

Dit gevoel kan zo sterk zijn dat de gehele week, dus óók de nog steeds vrije tijd, in het teken staat van werk.

Sommige ploeterende ‘moeters’ komen steeds meer klem te zitten, ze draaien vast in een negatieve spiraal. Hoe meer het werk gaat tegenstaan, hoe meer tijd door dit werk in beslag wordt genomen. Immers, ook de vrije tijd wordt deels in beslag genomen door gepieker en zorgen over werk.

Oké een kleine oefening waar je direct wat aan hebt.

Pak een potlood of pen en een stukje papier. Het mag ook een sticky-note zijn of een oude envelop, niemand die het ziet.

Teken een grote cirkel, dit is je taart van de bovenkant gezien. Schrijf boven de cirkel ‘100 uur’. De cirkel staat gelijk aan jouw 100 wakende uren per week. Deel de cirkel als een taart in vieren, zodat elk taartpunt voor 25 uur staat.

Geef nu met dikke lijnen aan, hoe groot het deel van de taart is dat je aan je werk besteedt in een gemiddelde werkweek (je vakantieweken laat je buiten beschouwing). Neem je overwerk en reistijd wel mee in dit deel van de taart en schrijf naast dit stuk taart ‘Werk’. Naast het andere deel schrijf je ‘Vrije Tijd’.

Werk je hypermodern, digitaal, veel, vaak, versnippert of ‘nieuw’? Prima, neem al je werktijd mee in je berekening: die skypevergadering op je vrije dag, die uurtjes achter de laptop op het strand, die mailtjes die je ’s ochtends om zeven uur al verwerkt.

Dus als je 36 uur in de week werk (al dan niet op kantoor), ongeveer 6 uur per week hier en daar overwerkt en je 8 uur reistijd hebt per week, dan kom je uit op (36+6+8=) gemiddeld 50 uur. Je taart ziet er dan zo uit.

Oké, wat valt direct op als je naar je taart kijkt?

Ja, inderdaad! Zie je ook ineens zo duidelijk hoeveel tijd je ‘overhoudt’?!

Eh… valt je juist op hoeveel van de taart je ‘niet overhoudt’? Een leuke gedachte om te ontwikkelen is dat ál deze 100 uur van jou zijn, of je nu op je werk bent of niet, maar die gedachte kun je ook voor later bewaren. Voor nu: als je het grootste deel van je wakende uren besteedt aan je werk, dan kun je maar beter superleuk werk hebben…? Zo niet, dan is deze oefening misschien een mooie aanleiding om iets anders te gaan doen of minder te gaan (over-) werken?

Hoe je taart er nu ook uitziet, je hebt een gedeelte waar ‘Werk’ bij staat. Dit zal ongeveer 30, 40 of 50 uur in de week zijn? De andere uren waar ‘Vrije Tijd’ bij staat kun je elke week naar eigen inzicht besteden.

Eerste oefening: minder denken en minder doen.

Zou je in de uren die buiten je taartdeel ‘Werk’ vallen, willen stoppen om met je werk bezig te zijn? Niet voorbereiden, piekeren, peinzen, ergens tegenop zien, zorgen maken, druk maken. Niet bellen, mailen, appen buiten de uren die je gekozen hebt te werken.

Als je een breinwerker (kenniswerker) bent, is je eerste opdracht namelijk dat je je mooie hersens en je talent inzet tijdens je werk. Het talent waarvoor je bent aangenomen. Dat heeft met je creativiteit, veerkracht, flexibiliteit en innovatiekracht te maken. Deze kun je tijdens je werkuren veel beter benutten als je in je vrije tijd écht goed uitgerust, oplaadt, plezier hebt en helemaal los bent van je werk.

Goed, nooit meer met je werk bezig zijn dus in je vrije tijd. Jij blij en je leidinggevende blij!

Tweede superleuke oefening met direct resultaat.

Schat in hoeveel tijd je gemiddeld per week besteedt aan de drie dingen waar je het liefst je vrije tijd mee vult. Je mag dit levensdoelen noemen, maar als dat te groot aanvoelt, noem je ze anders. Energiebronnen bijvoorbeeld. Datgene waar je blij van wordt en waar je graag mee bezig bent.

Houd het voor deze oefening even klein. Waar heb je lol in? Waar voel je je top bij? Schrijven, wandelen, met je gezin iets leuks doen? Vrienden zien, Netflix kijken, niets doen? Bijen kweken, misdaden oplossen, bier brouwen? Alles is goed, zolang je er maar energie van krijgt en er niemand mee in gevaar brengt.

Teken in het taartvlak ‘Vrije Tijd’ nu de drie taartpuntjes die deze drie geweldige vrijetijdsbestedingen representeren. Schrijf met een steekwoord je doel of bezigheid erbij. Dus als je elke dag een uur gitaar speelt, teken je een taartpuntje van 7 uur met ‘Gitaar’ of ‘Muziek’. De rest van het taartdeel ‘Vrije Tijd’ noem je ‘Rest’.

Kijk naar de hele taart. Wat valt nu op?

Staan er drie lekker grote taartpunten in je taartdeel ‘Vrije Tijd’ met je leukste levensdoelen? Blokken van elk wel 5 uur of meer per week met al die dingen die het leven leuk maken?

Ai, kijk je naar drie magere stukjes taart?

Oh, even huilen mag hoor. Niemand wordt blij van kleine stukjes taart. Gelukkig is het jouw taart en bepaal je zelf hoe groot je de stukken snijdt.

Hoe pak je dit aan? Besef dat jij degene bent die beslist waar je je tijd aan besteedt. Hoe gelukkiger jij bent, hoe beter je weer voor anderen kunt zorgen, toch? Dus kies om te beginnen één activiteit waar je het allerliefst meer tijd aan wilt besteden. Schets dat direct erbij in je taart- of cirkeldiagram. Plan het in voor de komende week én ga het doen!

Als je de dingen die jij belangrijk vindt niet inplant en doet, dan kom je er gewoon niet meer aan toe.

Het leven is inmiddels zo vol geworden, dat je niet meer kunt wachten tot het rustiger wordt. Een andere strategie is nodig, een strategie van wél-doen. Als je gaat doen wat je het liefste doet, past de puzzel van tijd daar gewoon omheen.

Meer tijd om te doen wat je écht wilt doen.

Natuurlijk zijn er taken waar je niet omheen kunt. Administratie, luiers verschonen, naar zwemles met je jongste, wassen draaien, ontbijt klaarzetten, je ouders helpen met het huishouden, naar de garage, de tandarts.

Neem ze één voor één onder de loep en onderzoek of ze tóch onderdeel zijn van grotere levensdoelen.

Je weet wel, die doelen waar je energie van krijgt. Neem luiers verschonen. Ik neem aan dat je dat voor je eigen kind of kinderen doet. Hoort je gezin bij één van je levensdoelen? Hoopte je stiekem op een kindje dat niet zou eh… geen luiers zou volmaken?

Dan is dit klusje dus eigenlijk onderdeel van één van je levensdoelen?

Het gaat hierom: dat je geen energie meer verliest aan datgene waarmee je bezig bent.

Ja, ja, deze oefening vergt enig doorzettingsvermogen. Maar stel je toch eens voor dat je geen energie meer verliest aan ‘al die’ bezigheden, omdat ze verbonden zijn met dat grotere doel? Intrinsiek gemotiveerd handelen begint bij bewustwording van je grotere doelen. Een gelukkig gezin, gezondheid, vrijheid, buiten zijn, een maatschappelijke bijdrage leveren. Voor je het weet doe je deze taken makkelijker, handiger, relaxter.

Welke bezigheden kun je anders organiseren of combineren?

Doordat je elke taak onder de loep gaat nemen, kom je ook taken tegen waar je toevallig ingerold bent en waar je afscheid van kunt nemen. Ze leiden niet (meer) naar je doelen.

Deze taken kun je gaan delegeren (je verjaardag organiseren), slimmer doen (online winkelen), uitbesteden (de fotoboeken maken), automatiseren (alle administratie), combineren (samen met je vrienden sporten) of gewoon helemaal-niet-meer-doen (sleutelhangers verzamelen, en sleutelhangers afstoffen).

Ja, als je gaat doen wat je het liefste doet, houd je voor andere dingen minder tijd over.

Misschien kijk je iets minder tv, of haal je Facebook van je telefoon. Misschien kook je niet meer iedere dag, maar drie keer in de week en koop je een grote vriezer. Misschien ga je niet altijd meer mee naar élke borrel, élk feestje, élke receptie, élke verjaardag. Het zou immers zonde zijn om aan het einde van het jaar (of je leven) niet toe te zijn gekomen aan je eigen feestje.

Hoe geef je een andere wending aan je verhaal?

Je kunt veel meer dan je denkt. Het onder de loep nemen van de besteding van je vrije tijd is nog maar het begin. De tijd die je op je werk spendeert is een volgende slag waar je betoverende resultaten kunt boeken. Dan zit je aan het einde van de week lekker op de bank en heb je geen ‘leuke week’ gehad, maar een tópweek.

Ik wens je elke maandag een heerlijke 100-uren taart, waarvan je maximaal kunt genieten. Dit artikel kan daar het begin van zijn. Houd je doel voor ogen en kies een nieuwe strategie..

Wil je hier verder mee aan de slag? Een krachtig weekprogramma staat startklaar ter beschikking in mijn gratis e-book ‘Elke dag een Topdag’.

2018-03-04T20:52:05+00:00